Hoe ga jij naar school?
Categorie(ën): Casussen, Stads leven
Te veel auto’s en motoren, verkeersopstoppingen en stank, ook door ouders die kinderen naar school brengen. Kan dat niet anders?
“Elisa woont tegenover haar school. Zij heeft geen auto nodig om naar school te gaan, maar ze moet wel die straat oversteken, en dat is vaak gevaarlijk druk, speciaal tegen half negen als de school begint. Er zijn dan erg veel auto’s die kinderen afleveren. Haar vriendin Anny werd ook met de auto gebracht toen ze kleiner was, toen moest Elisa’s moeder haar ook altijd over de straat brengen. Nu zijn ze oud genoeg om zelfstandig naar school te gaan, Anny komt op de fiets. Nu realiseren ze zich ook hoeveel verkeer er bij de school is en hoe gevaarlijk het soms is. Maar veel kinderen van hun leeftijd worden nog steeds gebracht en gehaald. Ze besluiten om in actie te komen en te proberen meer kinderen zo ver te krijgen dat ze op een milieuvriendelijkere manier naar school komen.”
Als je vlakbij school woont is het nogal makkelijk. Maar de meesten wonen een beetje -of veel – verder. Hoe moeten zij het dan doen? Veel ouders brengen hun kinderen naar school, met als gevolg veel verkeer, vuile lucht, soms gevaarlijke situaties, terwijl veel leerlingen dichtbij genoeg wonen om te lopen of te fietsen – en voor wie verder weg woont kan openbaar vervoer ook veel oplossen. (Ook andere kinderen uit je buurt meenemen kan al veel schelen). Dit is allemaal misschien iets lastiger, of het kost meer tijd, maar het is veiliger, goedkoper vaak en beter voor het milieu. Misschien is het ook nodig om actie te voeren om het trottoir bij de school vrij te houden voor voetgangers.
Als je wat wilt doen aan de situatie bij jouw school, kun je het beste werken in groepjes van 3 of 4 en de taken verdelen. Spreek goed af wie wat doet en maak aantekeningen en houd elkaar op de hoogte van wat je te weten komt. Je zou zo kunnen beginnen:
1. Onderzoek de situatie bij jullie school gedurende een week: tel hoeveel auto’s er stoppen voor de school, hoeveel auto’s 1 kind afleveren en hoeveel er meer brengen. Tel ook hoeveel er te voet of fietsend komen. Is er een bushalte dichtbij? Tel hoeveel er met de bus komen.
2. Interview een afgesproken aantal mensen over vragen als: hoe oud moeten kinderen zijn om zelfstandig naar school te komen volgens de ouders en volgens de kinderen? Hoe oud zijn de kinderen die met de auto komen, en hoe oud de fietsers? Waarom gebruiken ze die auto, is iets anders niet beter? Hebben ze daar wel over nagedacht? enzovoort. Bedenk en bespreek de vragen van te voren Vergeet ook de leraren niet!
3. Als je al deze informatie verzameld hebt, ga je bespreken hoe het beter kan. Zoek uit hoe het bij andere scholen gaat.
4. Als je vindt dat het beter kan, kom in actie. Spreek met de schoolleiding, misschien ook met plaatselijke politici. Schrijf in de plaatselijke krant (en de schoolkrant natuurlijk). Bedenk ludieke actievormen. Mensen moeten het LEUK vinden om het beter te doen! Kijk na een half jaar of zo, of de situatie nu echt blijvend verbeterd is. Als dat zo is kun je dat ook weer onder de aandacht brengen! Misschien moet je nog een keer in actie komen…
Het is nuttig om te werken met een werkplan.
En als je informatie
zoekt op internet is het goed om een internetlogboek bij te houden.
