Home

Zoetwater uit zeewater

Categorie(ën): Voedsel voor de mensheid, Nieuws, Water

 

Woestijnkas maakt zout water zoet

Duurzame landbouw in de woestijn

Sluipwespen, roofmijten, roofvliegjes: entomoloog Joop van Lenteren weet er alles van en is een autoriteit in biologische gewasbescherming. Hij zet nu zijn tanden in de woestijnkas die zoet water produceert.
Van Lenteren, hoogleraar aan Wageningen Universiteit, begon ruim dertig jaar geleden te pionieren met biologische gewasbescherming. Aanvankelijk werd hij, gedreven door bezorgdheid om de wereld, vooral bespot door de chemische industrie en genegeerd door de overheid. ,,Maar de tuinders in het Westland zagen wel wat in mijn ideeën. Daardoor kreeg biologische gewasbescherming uiteindelijk de kans om zich te bewijzen”, zegt Van Lenteren (60).
In Nederlands kassen zijn de klassieke, chemische bestrijdingsmiddelen inmiddels ingehaald door duurzame, biologische methoden, wat stevig bijdraagt aan de reputatie van Nederlandse kasgroenten en bloemen. Niet voor niets kreeg Van Lenteren De Koninklijke/Shell Prijs, met 100 000 euro de grootste wetenschappelijke prijs die jaarlijks aan een onderzoeker in Nederland wordt toegekend.
,,Dat stelt me in staat om nog twee dromen te verwezenlijken”, zegt Van Lenteren. Hij wil graag een onderwijsprogramma ontwikkelen voor basisscholieren, om hen meer verantwoordelijkheid voor de natuur bij te brengen.
Zijn tweede wens is de verdere ontwikkeling van de zogenaamde zeewaterkas, naar ontwerp van de Britse uitvinder/ingenieur Charlie Paton.
Van Lenteren: ,,Ik las een paar jaar geleden in New Scientist over Patons idee om, in een kas, in droge gebieden zoet water te maken uit zeewater.” Een geniaal idee, gezien de wereldwijde, groeiende behoefte aan zoet water en verse groenten. Een idee dat zelfs in woestijnen werkt, blijkt uit de mooie aubergines die Paton inmiddels heeft gekweekt bij Abu Dhabi.
Nu nog trekt de landbouw in droge regio’s een grote wissel op de natuur. Zo wordt op grote schaal zoet water opgepompt. Vruchtbare regio’s verzilten daardoor, drinkwater wordt schaars. Dagelijks sterven wereldwijd ruim twintigduizend kinderen door gebrek aan schoon drinkwater.

,,Het systeem van zeewaterkassen resulteert in stabiele temperaturen en luchtvochtigheid. Dan is precies na te gaan hoeveel en welke biologische middelen -bijvoorbeeld roofmijten, lieveheersbeestjes of sluipwespen- we moeten inzetten.”
Het principe van de kas is eigenlijk heel simpel, zegt Van Lenteren. Het draait allemaal om vochtige, warme lucht en condensatie. Aan de ene zijde van de kas wordt koud zeewater opgepompt. (,,Dat haal je dus tenminste twintig meter diep”) en door een condensator geleid. Aan de andere zijde van de kas staat een grote verdamper, die warm zeewater omzet in warme vochtige lucht. Ventilatoren blazen die lucht tegen de condensator aan de overzijde. ,,Het vocht in die lucht slaat als druppels neer op de koude condensator en drupt vervolgens naar beneden.” Dat water is schoon drinkwater en geschikt voor de irrigatie van de planten in de kas. Zelfs een kleine kas -vanaf duizend vierkante meter- is al rendabel. Zo’n kas produceert dan per saldo zo’n 1200 liter per dag. Meer dan genoeg voor de planten. Een traditionele kas van die omvang heeft in een woestijn juist een schreeuwende behoefte aan water, tot ongeveer 4000 liter per dag.
Van Lenteren: ,,Zo wordt de verantwoorde teelt van groenten mogelijk, zonder inbreuk op het milieu.”

De eerste commercieel rendabele zeewaterkas verrees in 2002  in het oliestaatje Abu Dhabi. Een lokale oliesjeik liet vooral uit nieuwsgierigheid de kas bouwen. Vorig jaar is ook in Oman een kas gebouwd; ook andere oliestaatjes hebben interesse laten blijken.
Waarschijnlijk komt de eerste zeewaterkas van Europa in Italië, in de buurt van Genua. Niet echt een optimaal klimaat voor de kas, geeft Van Lenteren toe. ,,Door mijn contacten is in dat gebied veel belangstelling ontstaan voor de kas. Italië steekt er ook geld in.” Ook bestaan er plannen voor de Malediven. ,,Daar wordt alle groenten ingevlogen, hoewel veel Amerikaanse toeristen voor biologische voeding zijn. Aan die vraag kunnen de Malediven nu zelf gaan voldoen.”

Bron: Trouw,  2005