Home

De verrassende rol van bomen in de noordelijke waterkringloop

Categorie(ën): Klimaat, Ecologie, Water

25 – 50% van een levende boom is water, afhankelijk van de soort en de tijd van het jaar.

Tot voor kort werd het water dat opgeslagen is in bomen beschouwd als onbetekenend. maar recent onderzoek door de Universiteit van Fairbanks (Alaska, VS) laat zien dat het – in elk geval in de noordelijke wouden – van groot belang is. De opname van smeltwater door loofbomen speelt een grote rol in de waterkringloop in de boreale bossen. Het onderzoek werd uitgevoerd door Jessica Young-Robertson en collega’s van het National Weather Service and UAF’s International Arctic Research Center and Geophysical Institute.

De onderzoeksresultaten zijn van wezenlijk belang om iets te begrijpen van de hydrologie en ecologie van de noordelijke wouden en geven inzicht in aspecten als watergehalte van de bodem, de beschikbaarheid van zoet water, de gezondheid van de bomen en vooral de manier waarop bomen het weer ter plaatse beïnvloeden, vooral het ontstaan van onweersbuien. Al deze factoren zijn van belang om iets te begrijpen van het voorkomen en de frequentie van bosbranden.

Bomen zuigen water op uit de bodem en geven het uiteindelijk af aan de atmosfeer via hun bladeren of naalden. De onderzoekers maten het watergehalte van naaldbomen en loofbomen op verschillende plaatsen en tijdens de verschillende seizoenen. Ze ontdeketen dat loofbomen een verrassend grote hoeveelheid water opnemen in de periode tussen het smelten van de sneeuw en het ontluiken van de bladeren. Ze absorbeerden 21 – 15% van het beschikbare smeltwater – tot ze volledig verzadigd zijn.. Voor de boreale wouden van Alaska en west Canada komt dit neer op 17 -20 miljard kubieke meter per jaar of ongeveer de inhoud van 8 miljoen Olympische zwembaden.

Ze maten ook de transpiratie, het water dat door de boom aan de lucht wordt afgegeven. De loofbomen transpireerden 2 – 12% van het opgenomen water direct na het ontluiken van de bladeren. Deze korte periode van intensieve transpiratie kan zorgeen voor gunstige condities voor convectie in de lucht en daarmee onweersbuien – vaak het begin van bosbranden in deze dunbevolkte gebieden.

Het is van belang te berekenen hoeveel water door de loofbomen kan worden opgenomen. Het aandeel loofbomen zal in de komende eeuw waarschijnlijk met 1 – 15% toenemen – en de opname van smeltwater zal daarmee ook toenemen.

Dit is het eerste onderzoek waaruit blijkt dat de opname van smeltwater een groot, maar tot nu toe niet gezien, aandeel vormt in de waterkringloop van noordelijke wouden. Inzicht in de dynamiek van het door bomen opgenomen water is nodig om meer te begrijpen van de reacties van bomen op droogte, en factoren als bodemvochtigheid en klimaat.

21 Juli 2016 – University of Alaska Fairbanks